Pleepapier

Bij epidemieën is de mens op zijn slechtst. Bij andere rampen is hij vaak solidair met de lijdende medemens, maar zodra de pest, cholera of corona uitbreekt wordt het meteen de dikke ik. De wereldliteratuur staat er vol van.

Hamsteren is natuurlijk het beste voorbeeld. Dringen, schelden en soms vechten bij de leeg rakende schappen. In sjieke buurten of volkswijken, het maakt niet uit. Het is universeel.

Zou je het zogeheten volkskarakter kunnen aflezen aan wat men hamstert? En zo ja, wat betekent het dat wij vooral pleepapier inslaan?

In de psychoanalyse kent men het anaal karakter. Dat is iemand die koppig is, zuinig en zich pantsert tegen viezigheid. Soms is zo iemand ‘poepvriendelijk’.  Dwz, hij meent het niet.

Een anaal karakter kan ook enorm vrijgevig zijn. En verdomd, bij een ramp in Verweggistan trekken we massaal de portemonnee. Kent onze gulheid geen grenzen.

Kortom, we zijn een anaal volk. Daarom: kom niet aan ons pleepapier!